botbijlvdmeerlogo

Nieuws

Uitstel van belastingbetaling weer verlengd ...

 

Op 09.12.2020 maakte het kabinet wederom een nieuw steunpakket bekend. Een onderdeel hieruit betrof het bijzonder uitstel van belastingbetaling. Deze is wederom verlengd. Wat is er gewijzigd ten opzichte van de vorige aanpassing?

Verlengd. Het kabinet heeft op 9 december 2020 bekendgemaakt dat de termijn voor het aanvragen en het verlengen van bijzonder uitstel van betaling van belastingschulden wederom wordt verlengd tot en met 31 maart 2021. Dit was eerst 31 december 2020.

Wat betekent dit voor u?

Heeft u als bedrijf betalingsproblemen vanwege de coronacrisis, dan heeft u dus nog tot en met 31 maart 2021 de tijd om voor de eerste keer bijzonder uitstel van belastingschulden aan te vragen of een reeds eerder verleend uitstel te verlengen.

Reeds verlengd bijzonder uitstel? Heeft u in 2020 al verlenging gekregen, dan geldt het uitstel nu automatisch tot 1 april 2021. Tip. U hoeft de al toegekende verlenging niet opnieuw te verlengen. U krijgt een betalingsregeling van 36 maanden vanaf 1 juli 2021 voor de schulden waarvoor u bijzonder uitstel van betaling heeft gekregen. Dit betreft:

  • de eventuele belastingschulden van voor de coronacrisis; en
  • de belastingschulden die betaald hadden moeten zijn van 12 maart 2020 tot en met 31 maart 2021.

Welke aanslag in de betalingsregeling?

Aangiftebelasting. Omzetbelasting/loonheffing:

  • waarvan voor of op 31 maart 2021 de naheffingsaanslag betaald had moeten zijn; of
  • waarvan voor of op 31 maart 2021 de uiterlijke termijn voor voldoening of afdracht eindigt.

Aanslagbelasting. Inkomstenbelasting, Zorgverzekeringswet en vennootschapsbelasting: indien de aanslag uiterlijk betaald had moeten zijn voor of op 31 maart 2021. Let op. Vanaf 1 april 2021 moet u nieuw opkomende verplichtingen betalen. Doet u dit niet, dan komt u niet in aanmerking voor de betalingsregeling van 36 maanden.

U had uitstel, maar nog niet verlengd?  Heeft of had u bijzonder uitstel van betaling voor de periode van drie maanden, dan moet u na afloop van het bijzonder uitstel de belastingschulden van voor de coronacrisis en de nieuw opkomende verplichtingen betalen. U krijgt alleen een betalingsregeling van 36 maanden vanaf 1 juli 2021 voor de belastingschulden waarvoor bijzonder uitstel is verleend en die betaald hadden moeten zijn tussen 12 maart 2020 en de datum dat het uitstel eindigt.

Uitstel aangevraagd na 1 oktober 2020?  Dan loopt dit uitstel tot 31 december 2020. Vanaf 1 januari 2021 moet u nieuw opkomende verplichtingen betalen, zoals de omzetbelasting van het vierde kwartaal 2020 die op 31 januari 2021 betaald moet zijn. Daarbij krijgt u alleen een betalingsregeling van 36 maanden vanaf 1 juli 2021 voor belastingschulden (die opgenomen zijn in het bijzonder uitstel) die betaald hadden moeten zijn in de periode van 12 maart 2020 t/m 31 december 2020. Voor eventuele belastingschulden van voor de coronacrisis krijgt u geen betalingsregeling. Tip.  U kunt nog verlengen tot en met 31 maart 2021. Hierdoor worden belastingschulden die uiterlijk 31 maart 2021 betaald moeten zijn en eventuele belastingenschulden van voor de coronacrisis meegenomen in de betalingsregeling van 36 maanden.

U heeft nog geen uitstel? Heeft u nog geen uitstel aangevraagd en heeft uw bedrijf betalingsproblemen door de coronacrisis, dan kunt u uitstel van betaling krijgen tot 1 april 2021. Tip.  Voor de inkomstenbelasting, Zorgverzekeringswet, vennootschapsbelasting, loonheffingen en omzetbelasting (btw) vraagt u in één keer uitstel van betaling aan. Dit kan zodra u een aanslag van de voornoemde belastingen heeft ontvangen.

De termijn voor het aanvragen en het verlengen van bijzonder uitstel van betaling belastingschulden is verlengd tot en met 31.03.2021. Dit was eerst 31.12.2020. Voor de inkomstenbelasting, Zorgverzekeringswet, vennootschapsbelasting, loonheffingen en omzetbelasting (btw) vraagt u in één keer uitstel van betaling aan.

Onderbouwing urencriterium mag niet vaag zijn

ZELFSTANDIGENAFTREK - 17.11.2020

Om in aanmerking te komen voor de zelfstandigenaftrek, moet u op een jaarbasis minimaal 1.225 uur aan uw onderneming. Als de Belastingdienst hierover twijfelt, moet u dit kunnen onderbouwen met een urenregistratie. Hoe zit dat?
 

Urencriterium

Urenregistratie. Voor de ondernemersaftrek, waaronder de zelfstandigenaftrek, is vereist dat u op een jaarbasis minimaal 1.225 uur aan uw onderneming besteedt. Als twijfelachtige discussie met de Belastingdienst kan ontstaan, is het raadzaam om een ​​urenregistratie bij te houden. Gebruik hiervoor onze rekentool.

Onderbouwing. Dit betekent echter niet dat de Belastingdienst een urenregistratie altijd zonder vragen volgt. De gemaakte achteraf wel onderbouwd kunnen worden met resultaten. Als u dus bijv. claimt dat u 500 uur heeft besteed aan de ontwikkeling van een website, dan is het logisch dat de Belastingdienst ook een mooie website online wil terugvinden.

Extra bewijs. Bij vragen of twijfel over de gemaakte uren zult u dus met ondersteunend moeten komen. Uw (elektronische) agenda kan daarbij helpen, maar ook urenspecificaties naar klanten, aanwezigheidsregistraties bij cursussen, etc.

Wat speelde er onlangs bij de rechter?

Maatschap. Voor Rechtbank Zeeland-West-Brabant (ECLI: NL: RBZWB: 2020: 3809) speelde onlangs een zaak over een belastingadviseur die naast zijn werkzaamheden uit loondienst ook werkt voor een maatschap. Via deze maatschap biedt hij samen met een derde online bemiddeling aan.

Urenbesteding ter discussie. De belastingadviseur claimt dat hij behoorlijk wat tijd bezig is met deze maatschap. In 2015 bijna 1.300 uur, waardoor hij aanspraak kan maken op zelfstandigenaftrek en startersaftrek. De maatschap is echter beperkt, zo'n € 11.500, waarbij een deel ook nog de omzet van het onderhanden werk betreft. Mede stelt stelt de Belastingdienst de urenbesteding ter discussie.

Ongeloofwaardig. De belastingadviseur weet de Belastingdienst en de rechter niet te overtuigen. Zo heeft hij naar eigen 268 uur bedoeld voor het opzetten van de website, maar deze is nimmer in de lucht geweest. Daarnaast maakt hij veel uren voor zijn werkgever. Hierdoor is het ongeloofwaardig dat hij ook nog flink wat uren aan de maatschap heeft besteed. De rechter berekent dat hij over een periode van 59 aaneengesloten dagen 15 uur per dag zou hebben gewerkt. De urenregistratie wordt dan ook niet geaccepteerd. De belastingadviseur kan geen aanspraak maken op zelfstandigenaftrek en startersaftrek.

Waar moet u op letten?

Uiteraard maakt u het niet zo bont als deze adviseur, maar toch biedt deze uitspraak een goed inzicht in de eisen die aan een urenregistratie worden gesteld. Ons advies luidt dan ook:

  • registreer iedere dag (en dus niet eenmaal per maand) de gemaakte uren;
  • omschrijf zo specifiek mogelijk de verrichte werkzaamheden;
  • zorg ervoor dat de registratie aansluit op uw agenda;
  • zorg ervoor dat de registratie logisch en consistent is;
  • zorg voor ondersteunend bewijs, zeker als de omzet uit uw activiteiten beperkt is.
Zeker bij een beperkte omzet is een urenregistratie essentiële om uw ondernemersaftrek veilig te stellen. Gebruik hiervoor onze rekentool, maar realiseer u dat de urenregistratie ondersteund moet worden met bewijs waaruit blijkt dat de uren daadwerkelijk door u zijn gemaakt, zoals uw agenda en urenspecificaties voor klanten.

Laatste Nieuws

Uitstel van belastingbetaling weer verlengd ...
woensdag 20 januari 2021
  Op 09.12.2020 maakte het kabinet wederom een nieuw steunpakket bekend. Een onderdeel hieruit betrof het bijzonder uitstel van... Lees verder...

 

 

LogoRB Vlak Erkend RB Kantoor RGB